naar archief - naar homepage


De deelname van China en Thailand aan de Eerste Wereldoorlog

 Op het het kerkhof te Noyelles-sur-Mer liggen leden van het Chinese Labour Corps begraven. Waar kwamen deze Chinezen vandaan en wat was hun bijdrage aan de strijd langs het Westelijk Front?
 
Slechts weinigen weten dat ook
Thailand (toen heette het land nog Siam) heeft deelgenomen aan de strijd in de Eerste Wereldoorlog aan de zijde van de geallieerden.
Hieronder volgt een overzicht van de activiteiten van de Thaise troepen tijdens de oorlog in Frankrijk.

Het China Labour Corps in Frankrijk
Op het het kerkhof te Noyelles-sur-Mer, 13 kilometer noordwestelijk van Abbeville langs de D40, liggen leden van het Chinese Labour Corps begraven. Het kerkhof ligt in Nolette op de weg naar Fliheaucourt. Hier is ook een gedenkteken te zien voor 41 leden van het Chinese Labour Corps die omgekomen zijn en van wie de lichamen nooit werden gevonden.

In Noyelles-sur-Mer was het basisdepot gevestigd van het Chinese Labour Corps in Frankrijk met het grootste kamp en het ‘No 3 Chinese Labour Corps General Hospital’. Het CLC werd opgericht na een overeenkomst tussen de Britse en Chinese regeringen op 30 december 1916 waarin de tewerkstelling van Chinese arbeiders in Frankrijk geregeld werd. De meeste van deze arbeiders waren afkomstig uit de noordelijke provincies van China en het eerste contigent arbeiders arriveerde in april 1917. Eind 1917 waren er reeds 54.000 Chinese arbeiders aan het front in Frankrijk en België werkzaam. Toen in 1918 de wapenstilstand werd gesloten was dit aantal gestegen tot 96.000.

In mei 1919 waren er nog 80.000 man bij opruimwerkzaamheden langs de frontlijn actief. Ongeveer 2.000 mannen stierven tijdens de oorlog of vlak daarna. Zij werden begraven op enkele kerkhoven in Frankrijk waaronder te Noyelles. Op hun grafstenen zijn Chinese karakters gebeiteld. Op het kerkhof te Noyelles-sur-Mer liggen 841 Chinezen begraven.

Overigens waren het niet alleen Chinezen die als contractarbeider naar Frankrijk kwamen om aan de frontlinie te worden ingezet. Er werden ook contracten gesloten met inwoners uit Malta, India, Zuid Afrika en andere overzeese gebiedsdelen van Groot Brittannië. Allen kregen een Bronzen Britse (herinnerings) Oorlogsmedaille. De zilveren medaille werd uitgereikt aan de militairen; hiervan werden er 6,5 miljoen uitgereikt..Van de bronzen medaille werden er 110.000 verstrekt. Deze is dan ook vor verzamelaars veel schaarser en zeker zesmaal zo kostbaar.

De deelname van Thailand aan de Eerste Wereldoorlog
Slechts weinigen weten dat ook Thailand (toen heette het land nog Siam) heeft deelgenomen aan de strijd in de Eerste Wereldoorlog aan de zijde van de geallieerden. Toen in augustus 1914 de oorlog uitbrak besloot de Thaise koning Vajiravudh dat Thailand neutraal zou blijven. In 1917 veranderde hij van mening en op 22 juli van dat jaar werd een kleine Thaise strijdmacht naar Frankrijk gezonden.

Deze strijdmacht stond onder commando van majoor Thayanpikart en werd gevormd door 1.250 man van het Royal Thai Army Air & Transport Corps. Na de oorlog kocht Thailand nog vijftien toestellen waar onder Spads, Nieuports en Breqauets als grondslag waarop ze haar luchtmacht verder kon uitbouwen,

Toen in april 1917 president Wilson van de USA Duitsland de oorlog verklaarde veranderde ook Thailand, evenals sommige andere landen, haar mening en besloot, ondanks het feit dat de verhouding met Duitsland tot dan toe steeds goed was geweest, om aan de kant van de geallieerden aan de oorlog te gaan deelnemen.

De koning was van mening dat de kansen ten goede van de geallieerden waren gekeerd en dat deelname aan de oorlog Thailand weer een steviger positie zou geven t.o. van de geallieerde machten. Het land had ernstig te lijden gehad van de Britse en Franse koloniale politiek in het verleden en had tussen 1889 en 1909 o.a. Laos en Cambodja en vier zuidelijke provincies aan deze koloniale machten moeten afstaan. Bovendien had Thailand allerlei eisen moeten accepteren van de Verenigde Staten, Frankrijk en Groot Brittannië, eisen die in feite de integriteit en territoriale rechten van het land geweld aandeden.

Koning Rama Vl was daarom van mening dat deelname aan de oorlog de Thaise positie zou kunnen herstellen en ondanks bezwaren van sommige leden van de regering verklaarde Thailand op 22 juli 1917 de oorlog aan Duitsland.en Oostenrijk Hongarije. Er werd onmiddellijk beslag gelegd op 12 vrachtschepen van de Noord Duitse Lloyd die zich in Thaise havens bevonden. Voorts zond men een kleine strijdmacht van 1.284 vrijwilligers onder commando van generaal majoor (later luitenant-generaal) Phya Pijaijarnrit naar het Westfront om daar samen te werken met de Franse en Britse troepen. Bij dit contingent troepen bevond zich ook een afdeling van het ‘Royal Thai Army Flying Corps’ van ongeveer 400 man.

De Thais arriveerde begin 1918 aan het front en de luchtmachtafdeling begon haar training aan de Franse Leger luchtmachtscholen te Avord en Istres. Meer dan 95 man behaalden hun vliegbrevet en volgden trainingen aan de ‘bomber school’ te Le Crotoy, de verkenningsschool te Chapelle la Reine , het schietkamp te Biscarosse en de ‘fighter conversion courses' te Piox.

Slechts enkele van de Thaise piloten namen actief aan de strijd deel, de meesten waren nog bezig met het aftronden van hun opleiding toen de wapenstilstand werd gesloten. Bij het contingent Thaise troepen was ook een medische unit ingedeeld en de daarbij behorende verpleegsters schijnen de enige vrouwen aan het westelijk front te zijn geweest die ook daadwerkelijk actief waren in de loopgraven.

De Thais namen deel aan de grote overwinningsparade op 19 juli 1919 te Parijs en keerden op 21 september 1919 terug naar Thailand. Voor de 19 gesneuvelde Thais werd in Bangkok een monument opgericht. Thailand nam ook deel aan de vredesconferentie te Versailles waarbij de artikelen 135, 136 en 137 speciaal betrekking hadden op Thailand. Hierbij deed Duitsland afstand van al haar bezittingen in Thailand en al haar rechten en eventuele claims op de inbeslagname van bezittingen en schepen door dit land. In januari 1920 werd Thailand medeoprichter van de ‘League of Nations'.

In september 1920 deed Amerika afstand van haar speciale rechten in Thailand; vijf jaar  later gevolgd door Frankrijk en Groot-Brittannië.

(Bron: Nieuwsbrief SSEW no. 14)

  naar archief - naar homepage